direct naar inhoud van 3.4 Gemeentelijk beleid
Plan: Gameren, Middelkampseweg 13
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0297.GMRBP20100015-VS01

3.4 Gemeentelijk beleid

3.4.1 Inleiding

Voor de inhoud van dit bestemmingsplan is van belang dat de gemeenteraad van Zaltbommel in zijn vergadering van 26 juni 2008 een aantal documenten tezamen heeft aangemerkt als zijnde Structuurplan (artikel 7 WRO, oud). Op grond van de Invoeringswet Wro is een dergelijk plan aan te merken als structuurvisie conform de Wro. Het betreft de onderstaande documenten:

  • Visie Wonen en Werken 2002-2010, vastgesteld 13 maart 2003
  • Ontwikkelingsbeeld Zaltbommel 2020, vastgesteld 28 april 2005
  • Visie binnenstad, vastgesteld november 2008
  • Regionaal Plan Bommelerwaard, vastgesteld door de stuurgroep op 12 februari 2003 (exclusief datgene dat in deze documenten is opgenomen en betrekking heeft op de glastuinbouw in de ruimste zin van het woord);
  • Landschapsplan Bommelerwaard deel 1 (d.d. 7 november 2003) en 2 (d.d. 28 oktober 2003), (exclusief datgene dat in deze documenten is opgenomen en betrekking heeft op de glastuinbouw in de ruimste zin van het woord);
  • Nieuwe Hollandse Waterlinie en Munnikenland: Bouwstenen voor de toekomst, vastgesteld door het college van B&W juni 2007 (exclusief datgene dat in deze documenten is opgenomen en betrekking heeft op de glastuinbouw in de ruimste zin van het woord);
  • De nota Fonds Bovenwijkse Bijdragen, zoals vastgesteld door de raad in de vergadering van 4 oktober 2006.

Voor zover het beleid relevant is voor dit bestemmingsplan wordt hieronder een nadere toelichting daarop gegeven. Daarnaast kent de gemeente Zaltbommel een groot aantal (sectorale) beleidsnota's waarin ruimtelijk beleid is opgenomen die een belangrijke richting hebben gegeven c.q. geven aan de huidige invulling van het gebied. Op de inhoud van de beleidsdocumenten wordt hieronder tevens ingegaan voor zover deze van toepassing zijn voor dit bestemmingsplan. Voor zover onderzoek verplicht is vanuit de wet wordt daarop ingegaan in hoofdstuk 4. Binnen hoofdstuk 4 wordt ook verwezen naar de daartoe uitgevoerde onderzoeksrapportages.

3.4.2 Welstandsnota

Op 5 juli 2004 heeft de gemeente Zaltbommel de welstandsnota vastgesteld. Met het welstandsbeleid wil de gemeente de ruimtelijke kwaliteit en de schoonheid en aantrekkelijkheid van de bebouwing behouden en waar nodig versterken. Een andere belangrijke reden voor het formuleren van welstandsbeleid is de wens van het gemeentebestuur om de welstandstoets meer open, controleerbaar en klantgericht te maken. Zonder welstandsbeleid is vooraf niet duidelijk waaraan getoetst wordt. In de welstandsnota worden voornamelijk criteria gegeven ten aanzien van veel voorkomende kleine bouwplannen, objecten en gebieden.

De gebiedsgerichte welstandscriteria worden gebruikt voor de kleine en middelgrote bouwplannen die zich voegen binnen de bestaande ruimtelijke structuur van Zaltbommel. Per deelgebied wordt een gebiedsbeschrijving, waardebepaling, ontwikkelingen en beleid, het welstandsniveau en de welstandscriteria gegeven.

Objectgerichte criteria zijn gegeven ten aanzien van monumenten, T-boerderijen en dijkhuizen, bebouwing die veel voorkomt in het buitengebied. Objectgerichte welstandscriteria zijn genoemd voor bouwwerken die zo specifiek zijn dat ze, ongeacht het gebied waarin ze staan of worden geplaatst, een eigen serie welstandscriteria vergen. Een uitwerking van een object bestaat uit een objectbeschrijving, waardebepaling, ontwikkelingen en beleid, het welstandsniveau en de welstandscriteria.

3.4.3 Visie op Wonen en Werken 2002-2010

Op 13 maart 2003 heeft de gemeenteraad de Visie op Wonen en Werken 2002-2010 vastgesteld. Het doel van de Visie op Wonen en Werken is het maken van een integrale ruimtelijke afweging voor de ontwikkeling van woon- en werklocaties binnen de gemeente op korte en middellange termijn. De gemeente Zaltbommel geeft met deze rapportage antwoord op nut en noodzaak van inbreiding en uitbreiding van woon- en werklocaties. De visie vormt daarmee de basis voor het opstellen en herzien van bestemmingsplannen. De Visie op Wonen en Werken hanteert een aantal uitgangspunten. De belangrijkste worden hierna weergegeven.

Bij de ontwikkeling van woningbouw en bedrijventerreinen wordt rekening gehouden met de onderlinge positionering van de verschillende kernen. Het zwaartepunt ligt bij de hoofdkern Zaltbommel, welke een sub-regionale verzorgingsfunctie heeft. Er dient zorgvuldig te worden omgesprongen met verstedelijking. Inbreiden gaat voor uitbreiden. Tevens dient de eigen identiteit van de kernen behouden te blijven.

In de Visie op Wonen en Werken wordt het incidenteel en vooral selectief, liefst op inbreidingslocaties, bouwen als insteek gekozen. Hiermee wordt zowel beperkt tegemoetgekomen aan de lokale behoefte als rekening gehouden met de landschappelijke en cultuurhistorische kwaliteiten van de onbebouwde ruimten in en om de kern.

Ten aanzien van de bedrijfslocaties wordt gesteld dat binnen de gemeente Zaltbommel een programma van ca. 42 ha. is voorzien. Van dit programma wordt 13,4 ha gevormd door lopende initiatieven op de locaties Middelkampseweg en Kraaijenhoef. De voorleggende planlocatie maakt onderdeel uit van deze lopende initiatieven welke in 2005 middels het bestemmingsplan ┬┤Besrijventerrein Middelkampseweg (deels) zijn mogelijk gemaakt.

3.4.4 Archeologie

De gemeente Zaltbommel heeft in de voorgaande jaren op projectbasis archeologisch onderzoek bij sloop en nieuwbouw mogelijk gemaakt. Met de inwerkingtreding van de Wet op de Archeologische Monumentenzorg (Wamz) d.d. 1 augustus 2007, wil de gemeente in de bestemmingsplannen voor het buitengebied en de bebouwde kom de archeologische waarden structureel gaan meenemen in het ruimtelijke planvormingsproces.

Om dit mogelijk te maken heeft de gemeente Zaltbommel een archeologische inventarisatie voor het gehele grondgebied van Zaltbommel uit laten voeren. Op 7 juli 2011 is door de gemeenteraad van Zaltbommel de cultuurhistorische inventarisatie en het archeologiebeleid vastgesteld. Het doel van de archeologische inventarisatie en het vastgestelde beleid is het verschaffen van inzicht in de verspreiding en het karakter van bekende en te verwachten archeologische vindplaatsen, zodat archeologie een volwaardige rol kan gaan spelen in het ruimtelijk beleid. Op basis van de archeologische inventarisatie is de archeologische vindplaatsen- en verwachtingskaart opgesteld. Op deze kaart wordt voor de gehele gemeente Zaltbommel het archeolandschap (met daaraan gekoppeld de archeologische verwachtingen) en de archeologische vindplaatsen weergegeven.

Zoals de onderstaande uitsnede van de vindplaatsen- en verwachtingskaart blijkt, wordt het voorliggend plangebied aangeduid als 'Geen waarde-archeologie'. Voor deze gebieden geldt op basis van het gemeentelijk beleid geen onderzoeksplicht.

afbeelding "i_NL.IMRO.0297.GMRBP20100015-VS01_0004.jpg"

Op basis van het voorgaande wordt dan ook gesteld dat het uitvoeren van een archeologisch onderzoek in het kader van het voorliggend bestemmingsplan niet noodzakelijk wordt geacht. Mochten er niettemin bij de werkzaamheden vondsten worden gedaan, bijvoorbeeld tijdens graafwerkzaamheden, dan zal hiervan overeenkomstig het bepaalde in artikel 47 van de Monumentenwet 1988 melding worden gedaan.

3.4.5 Externe veiligheidsvisie

De gemeente Zaltbommel wil haar burgers een veilige leefomgeving bieden. In die zin draagt zij een belangrijke verantwoordelijkheid als het gaat om externe veiligheid (EV). Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zaltbommel heeft een beleidsvisie Externe Veiligheid opgesteld op 18 september 2007.

In deze visie is ruimte gegeven aan de ontwikkelingen met een effect op de omgeving, maar alleen indien de voorgestelde ruimtelijke ontwikkeling niet in strijd is met de in de visie gestelde uitgangspunten.