direct naar inhoud van 5.1 Water
Plan: Gameren, Schoolstraat 2
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0297.GMRBP20120025-OW01

5.1 Water

5.1.1 Inleiding

Het plangebied ligt binnen het beheergebied van Waterschap Rivierenland.

De watertoets is het hele proces van vroegtijdig informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van waterhuishoudkundige aspecten in ruimtelijke plannen en besluiten. Het doel van de watertoets is dat de waterbelangen evenwichtig worden meegewogen bij de totstandkoming van een plan. Deze waterparagraaf is een onderdeel van de watertoets.

De waterparagraaf betreft een beschrijving van de waterhuishoudkundige situatie (oppervlaktewater, grondwater, hemelwater en afvalwater) in de huidige en toekomstige situatie.

5.1.2 Watersysteem
5.1.2.1 Bodem

In het verkennend bodemonderzoek heeft Verhoeven Milieutechniek BV tevens aandacht geschonken aan de waterdoorlatendheid van de bodem, zie bijlage 2. Verhoeven concludeert dat de verticale doorlatendheid van de bodem op de locatie onvoldoende is voor de infiltratie van hemelwater. Dit wordt veroorzaakt door de hier aanwezige kleilagen.

5.1.2.2 Oppervlaktewater

Binnen het plangebied en in de directe omgeving is geen oppervlaktewater aanwezig.

5.1.2.3 Grondwater

Uit de peilenkaart van Waterschap Rivierenland volgt dat het zomerpeil ter plaatse van het plangebied 0,8 meter boven NAP bedraagt. Het maaiveld ligt op ongeveer 2 meter boven NAP.

5.1.3 Hemelwater
5.1.3.1 Verhard oppervlak

De bestaande bebouwing en verharding heeft een oppervlakte van 800 m². Het bouwplan heeft een oppervlakte van circa 500 m². Per saldo is sprake van een afname van 300 m².

5.1.3.2 Berekening bergingscapaciteit

Kleine plannen hebben slechts een minimaal effect op de waterhuishouding. Voor plannen met minder dan 500 m² extra verharding in stedelijk gebied en minder dan 1500 m² in landelijk gebied is daarom geen compenserende waterberging vereist. Als kleine plannen onderdeel uitmaken van een groter plan, dan geldt de compensatieplicht voor het totale oppervlak.
Onderhavig plan resulteert in een afname van het verharde oppervlak van 300 m². Compensatie is daarom niet nodig.

5.1.3.3 Ontwerp bergingsvoorziening

Het waterschap hanteert de volgende voorkeursvolgorde bij de keuze van het soort bergingsvoorziening:

  • hemelwater vasthouden door hergebruik of infiltratie (bovengronds)
  • hemelwater bergen in open water
  • hemelwater brengen naar kunstmatige bergingsvoorzieningen (wadi’s, bassins, kratten, kelders)

Voor de locatie van bergingsvoorzieningen geldt de volgende voorkeursvolgorde:

  • waterberging in het plangebied
  • waterberging in uitbreidingsgebieden
  • waterberging aan de rand van het stedelijk gebied
  • benutten bergingscapaciteit in het landelijk gebied

Uit het infiltratieonderzoek is gebleken dat de waterdoorlatendheid van de bodem onvoldoende is om in infiltratie van het hemelwater te voorzien. Het schone hemelwater zal op het bestaande gemengde riool worden geloosd. Hiertoe wordt op het eigen terrein een gescheiden stelsel (schoon hemelwater en afvalwater) aangelegd, dat te zijner tijd op het nog te realiseren gescheiden stelsel in het openbare gebied kan worden aangesloten.

5.1.4 Afvalwater

Uitgangspunt is dat het vuile afvalwater en het schone hemelwater worden gescheiden.

Het vuile afvalwater zal op de bestaande riolering geloosd worden.

5.1.5 Waterkwaliteit

Er zijn geen bijzondere maatregelen genomen om vervuiling van het oppervlaktewater te voorkomen. Overeenkomstig de eis van het waterschap worden in principe geen uitlogende materialen toegepast.

5.1.6 Beleid

Onderhavig plangebied ligt binnen het beheergebied van het Waterschap Rivierenland. Het waterschapsbeleid is onder meer beschreven in:

  • Het Waterbeheerplan 2010-2015 van het Waterschap;
    In dit plan is beschreven wat het waterschap wil bereiken en op welke manier. De aspecten van het beheer van waterkeringen, het watersysteem en de afvalwaterketen zijn in dit plan geïntegreerd.
  • Brochure Partners in Water.
    In de brochure Partners in Water worden vier thema’s benoemd waaraan aandacht moet worden besteed in een watertoets: waterneutraal inrichten, schoon inrichten, veilig inrichten en bijzondere wateren en voorzieningen.

Het plan voldoet aan het waterschapsbeleid.